Lijst met termen

Pagina

Tijdens het rondkijken op deze site kom je vast wel eens een onbekende term tegen. Hier heb ik op een rijtje gezet wat je vast tegenkomt en wat wel handig is om te weten.

Snel naar: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

A

Argument

Een argument geef je om een parameter in te vullen. Zie parameter voor een uitleg over het verschil tussen deze twee termen.
B

Boolean

Een soort variabele die maar 2 waardes kan hebben: of het is True (waar), of het is False (niet waar).
C

Commentaar

Om je programma overzichtelijk te houden, is het handig om commentaar toe te voegen. Per taal verschilt hoe je dit moet doen.

pass
#Dit is commentaar, op de Python-manier.
pass

D

Definiëren

Als je je eigen functies maakt, dan definieer je die functies. Vrijwel alle programmeertalen hebben een eigen manier om te definiëren. In Python doe je het met def.
E

Error

Een Error is een fout in je programma. Er zijn verschillende soorten Errors, verschillend per taal. Het woord Error is afgeleid van het Latijnse woord “errare”. Dat betekent “vergissen”.
F

Floating point

Een soort variabele. Lijkt op een integer; het is een getal. Het verschil is het getal achter de punt (geen komma! Dit heeft te maken met Engelse notatie). Zie onderstaand voorbeeld.

#Goed:
int = 50
float = 50.0
#Fout:
int = 50.0
float = 50
#Fout wegens komma:
float = 50,0

Functie

Zie procedure.
I

Input

Dat wat je aan je programma geeft. Een parameter is een prima voorbeeld van input. Het kiezen van een menu-item is ook een vorm van input. Zie output voor een voorbeeld.

Integer

Dit is een soort variabele. Een integer is een ander woord voor een getal zonder cijfers achter de komma. Zie floating point voor een voorbeeld.
O

Output

Output is dat wat het programma je terug geeft en is dus het tegenovergestelde van input. Een voorbeeld in Python:

#Vraag om input met het commando input
woord = input(“Type eens een woord en druk daarna op Enter: “)
#Geef output door aan te geven welk woord is getyped
print(“Je hebt ” + woord + ” getyped.”)

L

Lijst

Een lijst (Engels: list) is een reeks die, in tegenstelling tot een tupel, na het maken gewijzigd kan worden. Er kunnen waardes aan toegevoegd worden, er kunnen waardes weggehaald worden, er kunnen waardes gewijzigd worden.
P

Parameter

Een parameter is een waarde die een procedure nodig heeft/kan hebben. In onderstaand voorbeeld uit Python heeft de procedure 2 parameters: parameter1 en parameter2. Als je een parameter invult, geef je een argumenten. Een argument is dus wat je invult, de parameter is de mogelijkheid om een argument te geven.

def procedure(parameter1, parameter2):
    #Code waarin de parameters gebruikt kunnen worden.
    pass
#Andere code; hier kan je de 2 parameters niet meer gebruiken.

Ook ingebouwde procedures van een taal hebben paramaters.

Procedure

Ook wel functie genoemd. Een procedure programmeer je één keer. Je kunt hem zo vaak als je wilt oproepen, puur door zijn naam te typen. Een voorbeeld in Python:

#Definieer de functie optellen in je programma
def optellen(getal_1, getal_2):
    print (getal_1 + getal_2)

#Voer de functie uit in de Shell (zie Python voor betekenis Shell)
>>> optellen(1,2)
3

Deze functie of procedure in Python telt getal_1 bij getal_2 op en geeft het weer op het scherm.
getal_1 en getal_2 zijn in deze procedure parameters.
R

Reeks

Een speciaal soort variabele, waar meerdere waardes inpassen. Die waardes hoeven niet van hetzelfde type te zijn. Er zijn verschillende soorten reeksen:

  • Nummerieke reeksen: iedere waarde heeft zijn eigen getal als sleutel
  • Associatieve reeksen: iedere waarde heeft een door jou bedachte sleutel

Als een reeks multidimensionaal is, dan zit er minimaal 1 andere reeks in die reeks. Het is soms mogelijk om daar ook nog een reeks in te stoppen, maar de vraag is hoe overzichtelijk je reeks dan nog is. Zie onderstaand voorbeeld in de Shell van Python:

>>> #Nummerieke reeks:
>>> nuReeks = (“foo”, “bar”)
>>> #Geef de waardes uit de reeks
>>> print(nuReeks[0]) #Print waarde 0 uit nuReeks
foo
>>> print(nuReeks[1]) #Print waarde 1 uit nuReeks
bar
>>> #Associatieve reeks:
>>> asReeks = {“foo”: “bar”, True: 23} #”foo” en True zijn de sleutels
>>> #Geef de waardes uit de reeks
>>> print(asReeks[“foo”]) #Print waarde “foo” uit asReeks
bar
>>> print(asReeks[True]) #Print waarde True uit asReeks
23
>>> #Multidimensionale reeks:
>>> muReeks = (“foo”, (“foo2, “bar2”), “bar”)
>>> #Geef de waardes uit de reeks
>>> print(muReeks[0]) #Print waarde 0 uit muReeks
foo
>>> print(muReeks[1][0]) #Print uit waarde 1 waarde 0
foo2
>>> #etc.

Zie ook: lijst, tupel en woordenboek.
S

String

Een soort variabele die tekst bevat, dit mag van alles zijn. Bij de meeste programmeertalen geef je dit aan met ‘-tekens. Een string mag spaties of speciale tekens bevatten, zolang alles maar binnen de ‘-tekens zit. Als je dat wilt, zijn “-tekens ook toegestaan.

string = ‘EenVoorbeeldVanEenString’
andereString = ‘Dit is ook een string, met spaties en andere tekens. !?&#\|’

Syntax

Syntax is de manier waarop je de taal schrijft. Stel je vergeet haakjes op een plek waar dat wel zou moeten, dan zal je een SyntaxError terugkrijgen.
T

Tupel

Een tupel (Engels: tuple) is soort reeks die, in tegenstelling tot een lijst, niet gewijzigd kan worden na dat hij aan is gemaakt. Tupels zijn handig om onveranderlijke dingen in je programma te zetten, zoals de dagen van de week of de maanden van het jaar.
V

Variabele

Een variabele kun je vergelijken met een portemonnee; je stopt er geld in, je kunt kijken hoeveel geld je hebt en je kunt er later weer ander bedrag in stoppen. Er zijn verschillende soorten variabelen, zoals integers, stringsfloating points en booleans. Vergelijk de string maar met het kassabonnetje. Als die in je portemonnee zit is er geen plek meer voor je geld en vice versa. Kortom: er past maar 1 waarde in je variabele, tenzij je variabele een reeks is. Dit wordt per programmeertaal appart besproken.
W

Woordenboek

Een woordenboek (Engels: dictionary) is een associatieve reeks waarbij je zelf sleutels toewijst aan nieuwe waardes. Net zoals bij een lijst kan je een woordenboek achteraf wijzigen. Als je een programma maakt die telefoonnummers opslaat per naam, dan is een woordenboek een prima oplossing. Sleutels mogen hetzelfde zijn als een waarde, dat maakt niet uit.